Overslaan en naar de inhoud gaan

ve10000346 19-02-2010, WBV 2010/2 - Wijziging B1, B3, B16, B20 (nieuw), C9 en C23 - Toelating wegens dreiging van eergerelateerd geweld + Vervallen beleidsregels m.b.t. '14-1' verzoeken

Datum document
19-02-2010
Auteur
SvJ
Redacteur
Wim Verberk
Trefwoorden
14-1 brief
Aanvraag, indiening
Eergerelateerd geweld
Vc 2000
WBV
Omschrijving

Op 2 maart 2010 in de Staatscourant (nr. 3114) gepubliceerd Wijzigingsbesluit 2010/2 waarbij in de Vc 2000 een beleidskader wordt opgenomen voor vreemdelingen die dreigen slachtoffer te worden van eergerelateerd geweld en die niet (meer) in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning o.g.v. het huidige beleid. Het beleidskader definieert hetgeen onder eergerelateerd geweld wordt verstaan en stelt de voorwaarden waaronder de verblijfsvergunning verleend kan worden.
Verder vervallen diverse beleidsregels voor vreemdelingen die een ‘14-1-brief’ in de periode van 14 januari 2003 t/m 17 maart 2005 hebben gestuurd, op welk verzoek nog niet een in rechte onaantastbaar geworden beslissing is genomen, gelet op de tijdsbeperking van deze beleidsregels.
Zie Aanvullende opmerkingen voor een 'artikelsgewijze' toelichting.
Inwerkingtreding: 3 maart 2010.

Aanvullende opmerkingen
Aanvullende opmerking

Artikelsgewijze toelichting

B1/4.1.1 Vrijstellingen
-   Opgenomen is vrijstelling van het mvv-vereiste o.g.v. de hardheidsclausule van vreemdelingen die als slachtoffers van eergerelateerd geweld, huiselijk geweld, mensenhandel in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning o.g.v. art. 3.4 lid 3 Vb 2000 en hun minderjarige kinderen.
-   Voor de zogeheten ’14-1’ verzoeken vervalt de vrijstelling van het mvv-vereiste.
B1/9.1.1 Vereisten voor het indienen van de aanvraag
B1/9.2 Aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd
B1/9.4 Specifieke bepalingen procedure verblijfsvergunning bepaalde tijd
-   De mogelijkheid wordt gecreëerd dat slachtoffers van dreigend eergerelateerd schriftelijk een aanvraag indienen en in het verlengde daarvan worden een aantal handelingen die normaal door de IND worden verricht bij de korpschef belegd.
-   Voor de zogeheten ’14-1’ verzoeken vervalt het niet tegenwerpen dat de aanvraag niet in persoon bij de IND is ingediend.
B1/9.6 Leges
-   Opgenomen is de legesvrijstelling voor slachtoffers van eergerelateerd geweld en hun minderjarige kinderen en voor slachtoffers van mensenhandel en van huiselijk geweld die een aanvraag indienen onder de beperking conform beschikking Staatssecretaris en hun minderjarige kinderen.
-    Voor de zogeheten ’14-1’ verzoeken vervalt de vrijstelling van het legesvereiste.
B3/3.2 Voorwaarden voor verlening van de verblijfsvergunning
-   Opgenomen is dat alleenstaande pleegouders duurzaam en zelfstandig over een netto-inkomen moeten beschikken, dat ten minste gelijk is aan de norm ingevolge de Wwb voor alleenstaande ouders.
B16/4.9 Slachtoffer dreigend eergerelateerd geweld (nieuw)
-    Opgenomen is dat de vreemdeling, na drie jaar verblijf als houder van een verblijfsvergunning o.g.v. ‘dreigend eergerelateerd geweld’ o.g.v. art. 3.52 Vb 2000 een aanvraag kan doen voor een verblijfsvergunning onder de beperking ‘voortgezet verblijf ’, indien de dreiging van eergerelateerd geweld naar het oordeel van de Minister nog steeds aanwezig is.
Hoofdstuk B20 Eergerelateerd geweld (nieuw)
-   Nieuwe hoofdstuk met het beleid ten aanzien van het eergerelateerd geweld.
C9/2.1 De aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd
-   Voor de zogeheten ’14-1’ verzoeken vervalt het niet tegenwerpen dat de aanvraag niet op de aangewezen plaats is ingediend.
C23/2.1.4 Vreemdelingencirculaire 2000 vervalt.
Gelet op de tijdsbeperking van de beleidsregel over de zogeheten ’14-1-brief’, komt deze beleidsregel te vervallen.

Wet
Wet
Vc 2000 - B01
Wet
Vc 2000 - B03
Wet
Vc 2000 - B16
Wet
Vc 2000 - B20
Wet
Vc 2000 - C09
Wet
Vc 2000 - C23