Overslaan en naar de inhoud gaan

ve19003568 18-12-2019, ABRvS, 201904651/1/V2, ECLI:NL:RVS:2019:4200

Datum uitspraak
18-12-2019
Instantie
Raad van State
ECLI
ECLI:NL:RVS:2019:4200
Zaaknummer
201904651/1/V2
Redacteur
Esther Wolthuis
Trefwoorden
Afghanistan
Aanvraag, asiel
Richtlijn 2011/95 Definitie- of kwalificatierichtlijn (herschikking)
Vluchtelingen / Vluchtelingenstatus
Onmenselijke behandeling / Marteling (3 EVRM)
Kernbegrippen

Beoordeling 15-c situatie Afghanistan / Situatie is verslechterd maar geen reëel risico op ernstige schade louter door aanwezigheid burger / Art. 29 lid 1 onder b onderdeel 3 Vw

Inhoud

De Afdeling heeft in haar uitspraken van 21 maart 2018, ve18000588, en 1 oktober 2018, JV 2018/196, ve18006601, geoordeeld over de algemene veiligheidssituatie in Afghanistan. Zij heeft overwogen dat er in Afghanistan geen situatie is waarbij een burger louter door zijn aanwezigheid daar een reëel risico loopt op ernstige schade a.b.i. art. 29 lid 1 onder b, onderdeel 3, Vw 2000 en art. 15 onder c Kwalificatierichtlijn. Daarbij heeft de Afdeling rapporten en documenten van Nederlandse en internationale organisaties betrokken, welke betrekking hebben op de periode tot juni 2018. Deze uitspraak gaat over de periode daarna. Uit oogpunt van rechtseenheid wordt ook nog ingegaan op de vraag welke bescherming art. 29 lid 1 onder b onderdeel 3 Vw 2000 biedt, omdat verschillende zp van de rb Den Haag daarover uiteenlopende rechtsopvattingen hebben. De positie van religieuze en etnische minderheidsgroepen wordt besproken in de uitspraak van vandaag, ve19003569.
De algemene veiligheidssituatie in Afghanistan, in het bijzonder in Nangarhar en Ghazni, is onverminderd zorgelijk. In bepaalde opzichten is de veiligheidssituatie in Afghanistan zelfs verslechterd ten opzichte van juni 2018. Daar staat echter tegenover dat de veiligheidssituatie niet in alle provincies van Afghanistan even ernstig is en het geweld niet overal van dezelfde aard en even wijdverbreid is. Het aantal burgerslachtoffers en ontheemden als gevolg van de gewelddadigheden in Afghanistan is - hoe zorgwekkend ook - niet zo hoog dat alleen al daarom moet worden gesproken van een 15c-situatie, mede gelet op het totale inwoneraantal in Afghanistan. Ook is er in Afghanistan op veel plekken nog altijd een basale veiligheidsstructuur aanwezig. Gelet op een en ander kan de Afdeling uit de stukken niet afleiden dat een burger alleen al door zijn aanwezigheid in Afghanistan een reëel risico loopt op ernstige schade a.b.i. art. 29 lid 1 onder b onderdeel 3 Vw. Er is dus nergens in Afghanistan een 15c-situatie.
Hoger beroep vreemdeling ongegrond; bevestigt Rb Den Haag, 4 juni 2019, NL19.11187, ve19001892.
--- Zie ook persbericht ABRvS.

Aanvullende opmerkingen
Wet