Overslaan en naar de inhoud gaan

ve20001150 07-04-2020, ABRvS, 202002016/1/V3, JV 2020/86, ECLI:NL:RVS:2020:992

Datum uitspraak
07-04-2020
Instantie
ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:992
Zaaknummer
202002016/1/V3
Redacteur
Gerd Westendorp
Kernbegrippen

Openbaarmaking uitspraken in tijden van corona / Opschorten mag en alternatief via opstellen proces-verbaal mogelijk / Zoveel mogelijk publiceren op rechtspraak.nl nu niet mogelijk / Aangepaste werkwijze tijdelijk karakter

Inhoud

Art. 8:78 Awb eist dat uitspraken openbaar worden gemaakt. De bekendmaking aan partijen gebeurt door de uitspraak toe te zenden. Maar ook anderen dan partijen, belangstellenden, moeten kennis kunnen nemen van de uitspraak. Dat gebeurt normaal door het houden van een openbaarmakingszitting. Maar omdat de gebouwen van de rechtbanken gesloten zijn vanwege de maatregelen tegen het coronavirus, gebeurt dat nu niet. De ABRvS oordeelt dat de rechtbanken de openbaarmakingszittingen onder de huidige omstandigheden mogen opschorten. Ook worden in de uitspraak alternatieven geschetst voor de rechtbanken om aan de openbaarheid inhoud te geven. Een van die alternatieven is het opstellen van een proces-verbaal van de uitspraken die op een dag zijn gedaan en dat voor belangstellenden toegankelijk maken. Een ander alternatief is het zoveel mogelijk publiceren van de uitspraken op www.rechtspraak.nl. Dat laatste is nu nog niet mogelijk. Daarbij benadrukt de Afdeling dat de aangepaste werkwijze van de rechtbank een tijdelijk karakter moet hebben.
In deze zaak is er twijfel over de juistheid van de vermelding in de uitspraak van de rechtbank dat deze op 17 maart 2020 in het openbaar uitspraak is gedaan. Het gebouw van de rechtbank was op die dag immers niet voor het publiek toegankelijk. De Afdeling gaat er daarom van uit dat de uitspraak niet in het openbaar is gedaan. Op dit punt kleeft er dus een gebrek aan de uitspraak. Dit deel van de grief leidt echter niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. Het is namelijk niet in geschil dat partijen tijdig kennis hebben kunnen nemen van de uitspraak. De Afdeling zal dit gebrek herstellen door in dit geval zelf uitspraak in het openbaar te doen en daarin de door de rechtbank genomen beslissing te vermelden (zie arresten HR van 19 juni 1985, ECLI:NL:HR:1985:AC8934 en 15 december 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ7799).
Hoger beroep vreemdeling kennelijk ongegrond; bevestigt VK Zwolle 17 maart 2020, NL20.4319.
--- Zie ook ABRvS 7 april 2020 over horen in tijden van corona, ve20001151
--- Persbericht ABRvS

Aanvullende opmerkingen
Wet