Overslaan en naar de inhoud gaan

ve18000255 05-02-2018, Advies ACVZ - Gewogen gevaar. De belangenafweging in het vreemdelingrechtelijke openbare-ordebeleid

Datum
05-02-2018
Auteur
ACVZ
Vindplaats
ACVZ/ADV/2018/002
Redacteur
Heleen de Jonge van Ellemeet
Trefwoorden
Adviescommissie voor vreemdelingenzaken (ACVZ)
Gezinsleven (8 EVRM)
Inreisverbod
Openbare orde, nationale veiligheid en volksgezondheid
Richtlijn 2004/38 Verblijfsrecht
Strafrechtelijke procedure
Toetsing, ex-nunc
Vb 2000
Verblijfsvergunning, intrekking
Omschrijving

Sinds het ACVZ-advies over het openbare ordebeleid uit 2005 (ve05001642) zijn de criteria voor verblijfsbeëindiging wegens strafrechtelijke vergrijpen driemaal ingrijpend aangescherpt, heeft het HvJ EU belangrijke uitspraken gedaan over de toepassing van de Europese openbare ordetoets t.a.v. derdelanders (zie o.a. de arresten Zh. en O., JV 2015/209 nt. Cornelisse, ve15000990 en J.N., JV 2016/90 nt. Cornelisse, ve16000285) en heeft de ABRvS geoordeeld dat op gebieden die door het Europese recht worden beheerst de uitleg die het Hof geeft aan het begrip openbare orde bij verblijfsbeëindiging van toepassing is (zie ve17001414). Deze ontwikkelingen vormen de aanleiding voor dit ongevraagde advies.
De ACVZ heeft onderzocht hoe het Nederlandse openbare ordebeleid met inachtneming van het Unierecht zo kan worden ingericht, dat recht wordt gedaan aan het belang van bescherming van de openbare orde en aan de bescherming van rechtmatige belangen van migranten. De ACVZ concludeert o.a. dat de Unierechtelijke bescherming verder strekt dan die van de glijdende schaal in het nationale beleid. In het EU-recht wordt het criterium gehanteerd van de actuele, werkelijke en voldoende ernstige bedreiging vormt die een fundamenteel belang van de samenleving aantast. De regeling van de glijdende schaal moet in overeenstemming worden gebracht met de actuele bedreigingstoets en de bescherming van de fundamentele belangen van migranten, door zowel de actuele bedreigingstoets als de brede belangenafweging i.h.k.v. de toets aan de grondrechten in art. 3.86 Vb te verankeren, aldus de commissie. De ACVZ adviseert de regelgeving als volgt te wijzigen:
1. Biedt in art. 3.86 lid 6 Vb 2000 een wettelijke basis aan een 'ex nunc' beoordeling van een actuele bedreiging.
2. Pas over de hele linie van het vreemdelingenrecht het Unierechtelijk criterium toe.
3. Neem in de regelgeving op dat bij de actuele bedreigingstoets en de individuele belangenafweging behalve aan de glijdende schaal ook toepassing wordt gegeven aan de richtsnoeren (ve09000943) van de EC bij de Burgerschapsrichtlijn (ve04001792) en de guiding principles van het EHRM (ontwikkeld in de arresten Boultif, JV 2001/254 nt. Boeles, ve02000764 en Üner, JV 2006/417 nt. Boeles, ve06001382) en werk dit nader uit in een openbare werkinstructie.
5. Hanteer slechts één glijdende schaal i.p.v. drie glijdende schalen naast elkaar.
6. Registreer besluiten o.g.v. het openbare ordebeleid als zodanig, monitor aan de hand daarvan de uitvoering van dat beleid en onderbouw op grond daarvan de gewenste wijzigingen.
--- Bijlage 4 (pp. 90-108) bevat een overzicht van de ontwikkelingen in de Europeesrechtelijke en nationale jurisprudentie.
--- Bijlage 7 (pp. 114-117) bevat een overzicht van de verblijfsrechtelijke aanvragen waarop het Unierecht van toepassing is.
--- Zie 'extra bestand' voor het 'Advies aanscherping glijdende schaal' van de ACVZ van 29 januari 2013.

Extra bestanden